BKR Regeling Kinderopvang
 
Drie-uursregeling
 
De wijzigingen in de kwaliteitseisen zorgen ook voor een andere toepassing van de drie-uursregeling.
 
Er zijn geen tijdsvakken meer waarbinnen afwijken van de beroepskracht-kindratio wel of niet is toegestaan. De kinderopvangondernemer bepaalt deze tijdsvakken voortaan zelf. De ondernemer kan zelf bepalen op welke tijdstippen verantwoord kan worden afgeweken van de beroepskracht-kindratio op basis van het dagritme op het kindercentrum of in de afzonderlijke groepen
 
Algemeen:
 
Artikel 3. Dagopvang
1. Bij dagopvang vindt de opvang plaats in stamgroepen, met dien verstande
dat in een groep:
  1. in de leeftijd tot één jaar gelijktijdig ten hoogste twaalf kinderen aanwezig       zijn;
  2. in de leeftijd tot en met drie jaar gelijktijdig ten hoogste zestien kinderen aanwezig zijn, waaronder ten hoogste acht kinderen in de leeftijd tot één jaar.
2. Bij dagopvang bedraagt de verhouding tussen het aantal beroepskrachten
en het aantal feitelijke aanwezige kinderen ten minste:
  1. één beroepskracht per vier kinderen in de leeftijd tot één jaar;
  2. één beroepskracht per vijf kinderen in de leeftijd van één tot twee jaar;
  3. één beroepskracht per zes kinderen in de leeftijd van twee tot drie jaar;
  4. één beroepskracht per acht kinderen in de leeftijd van drie tot vier jaar.
3. Het aantal beroepskrachten, bedoeld in het tweede lid, bij een gemengde leeftijdsgroep wordt bepaald aan de hand van het rekenkundige gemiddelde van de voor de aanwezige leeftijdscategorieën geldende maximale aantallen kinderen,
waarbij naar boven kan worden afgerond.
4. Indien kinderen bij (spel)activiteiten de stamgroep verlaten, is het eerste lid niet van toepassing.
 
Afwijken van de BKR
 
5. Bij minimaal tien uur aaneengesloten opvang, kan worden afgeweken van de beroepskracht-kindratio gedurende maximaal drie uur per dag. Die uren hoeven niet aaneengesloten te zijn. Er kunnen tijdens die uren minder pedagogisch medewerkers worden ingezet. Voorwaarde is dat minimaal de helft van het op grond van de beroepskracht-kindratio vereiste aantal medewerkers wordt ingezet.
 
Deze uren voor de afwijkende inzet kunnen op de dagen van de week verschillen, maar zijn wel iedere week hetzelfde.
Op het Coendersnest wordt direct na opening aan het begin van de dag en voor sluiting van een kindercentrum aan het eind van de dag, minder beroepskrachten ingezet. Dit geldt voor iedere werkdag:
 
Tussen:           7.00 uur en 8.30 uur en
                    17.00 uur en 18.30 uur
 
6. Indien ingevolge het tweede of derde lid slechts één beroepskracht in een kindercentrum aanwezig is, dan dient de ondersteuning van deze beroepskracht door een andere volwassene in geval van calamiteiten te zijn geregeld.